Verslavingsgevaar!

Verslag van een snowboarder

‘Marije, jij moet echt eens gaan wintersporten!’ Het was de  zoveelste doorgewinterde – ha ha – wintersporter die deze kreet naar mijn hoofd slingerde. Wat is dat toch met die wintersporters die compleet verslaafd zijn aan besneeuwde bergen? Van die types die nog liever de hele zomer doorwerken dan dat ze een wintersportvakantie op moeten geven? Tijd om dat uit te vogelen. Dus hup, daar vertrok ik met mijn versgekochte snowboard naar de Zwitserse Alpen. Met Amarant Reizen, want hier nog een biecht: ik dacht altijd dat groepsreizen totaal niet mijn ding waren, maar dat is een ietwat onpraktische overtuiging als je zelf al twee jaar op het kantoor van Amarant werkt. Gelukkig ben ik daar deze vakantie van bekeerd. In feite kwam ik tot drie conclusies.

  1. Wintersporten zegt iets over wie je in het dagelijks leven bent.

Daar lag ik dan, halverwege de piste. Op m’n achterwerk dat één blok ijs was geworden (note to self: als je gaat snowboarden, koop dan een waterdichte broek). Voor de ontelbaarste keer gaf ik mezelf een mentale oppepper. En weer stond ik op, en weer draaide ik een bochtje, en weer viel ik om. Welkom in het leven van een beginnend snowboarder. Op een gegeven moment was ik er zó klaar mee. Wat is wintersporten VRESELIJK! Maar op een gegeven moment was het ook donderdagmiddag en zwierde ik ineens zonder te vallen een hele piste af. Wat is wintersporten HEERLIJK! Ik moest wel een beetje grinniken om mezelf. Vol enthousiasme beginnen, redelijk onvoorzichtig (en dus bont en blauw) zijn, gefrustreerd raken omdat het niet in één keer perfect gaat, willen opgeven, toch niet opgeven, en uiteindelijk lyrisch raken over het feit dat je iets nieuws hebt geleerd. M’n medereizigers – bijna allemaal beginners – hadden ook allemaal hun eigen leercurve. De één begaf zich op de eerste dag overmoedig naar de zwarte piste, de ander skiede op de laatste dag nog langzaampjes en met volmaakte precisie de berg af. We leerden niet alleen snowboarden of skiën, maar kregen meteen een kleine therapeutische sessie over de parallellen met ons dagelijks leven. Ik moet er nog regelmatig aan denken.

  1. Zo’n groepsreis is megagezellig

Voor een flink potje après-ski moet je in Oostenrijk zijn. Voor een flink potje gezelligheid moet je met een leuke Amarant-groep in Belalp zitten. Voor je het weet komt wijn en chips tevoorschijn, vliegen de grappen over de tafel en besluit een groepje in het pikdonker van de berg af te sleeën – strak plan, jongens. De eerste dag geef je elkaar nog een onwennige hand en noem je je naam, de volgende dag zit je elkaar al uit te lachen bij de paddenstoel-sleepliftjes (wie heeft bedacht dat je met die ondingen een berg op kunt komen?). Wie even genoeg had van de sociale drukte, belandde een middag met een boek op de bank of ging in z’n eentje de pistes af. Lekker vrij! Op de laatste avond gingen we uit eten en iemand zei daarna tegen me: ‘Het maakte ook helemaal niet uit waar je aan tafel ging zitten, want je weet dat het sowieso gezellig wordt.’ Precies dát.

  1. In de machtige bergen kun je niet om de Maker heen

Voor ik op wintersport ging, werd ik hier door een vriendin al voor ‘gewaarschuwd’. Die gigantische bergtoppen hadden inderdaad effect op me: ik werd klein, verwonderd en dankbaar. Ik leerde niet alleen snowboarden maar werd ook aan het denken gezet. In de houten chalets middenin de bergen komen eigenlijk vanzelf goede gesprekken op gang. Hoe mooi is het om ineens met elkaar te delen hoe je tot geloof bent gekomen. Hoe je je geloof hebt losgelaten, of weer langzaam aan het hervinden bent, met vallen en opstaan (’t is net wintersporten). Iedereen had z’n eigen verhaal en er was alle openheid om daar een stukje van te delen. Ik besefte me weer waarom ik op het kantoor van Amarant werk: omdat je op zo’n reis, met een groep ‘onbekenden’, ineens tot de kern kunt komen. En omdat je middenin de natuur zoveel meer verwonderd kunt raken dan op je dagelijkse tochtje naar de supermarkt. Zo’n ervaring gun ik iedereen. Kortom, lieve lezer, jij moet echt eens gaan wintersporten!

Tekst: Marije